Terug
Gepubliceerd op 02/12/2019

2019_GR_00151 - Algemene diensten voor rechtspersonen - belastingreglement - Goedkeuring

Gemeenteraad
do 28/11/2019 - 20:00 Raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Stijn Van Baelen, Jos Plessers, Erik Vanmierlo, Lieve Theuwissen, Leo Cardinaels, Marc Vanherk, Ann Bernaerts, Jos Claessens, Mia Croonen, Mathieu Damen, Geertje Das, Sylvia Dries, Toon Geusens, Jaklien Goijens, Nicole Ketelbuters, Luc Martens, Bert Schelmans, Friedo Steensels, Jos Vanmontfort, Jan Verjans, Sara Vrolix, Lieve Willems, Eddie Brebels

Afwezig

Lode Van Mierlo

Secretaris

Eddie Brebels

Stemming op het agendapunt

2019_GR_00151 - Algemene diensten voor rechtspersonen - belastingreglement - Goedkeuring
Goedgekeurd

Aanwezig

Stijn Van Baelen, Jos Plessers, Erik Vanmierlo, Lieve Theuwissen, Leo Cardinaels, Marc Vanherk, Ann Bernaerts, Jos Claessens, Mia Croonen, Mathieu Damen, Geertje Das, Sylvia Dries, Toon Geusens, Jaklien Goijens, Nicole Ketelbuters, Luc Martens, Bert Schelmans, Friedo Steensels, Jos Vanmontfort, Jan Verjans, Sara Vrolix, Lieve Willems, Eddie Brebels
Stemmen voor 15
Stijn Van Baelen, Jos Plessers, Leo Cardinaels, Lieve Theuwissen, Geertje Das, Friedo Steensels, Ann Bernaerts, Marc Vanherk, Erik Vanmierlo, Mathieu Damen, Jaklien Goijens, Nicole Ketelbuters, Bert Schelmans, Lieve Willems, Jan Verjans
Stemmen tegen 7
Jos Claessens, Sylvia Dries, Toon Geusens, Luc Martens, Sara Vrolix, Mia Croonen, Jos Vanmontfort
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2019_GR_00151 - Algemene diensten voor rechtspersonen - belastingreglement - Goedkeuring 2019_GR_00151 - Algemene diensten voor rechtspersonen - belastingreglement - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

De gemeente heeft grote uitgaven, onder andere de aanleg en het onderhoud van wegen, onderhoud van gebouwen, groenonderhoud, dienstverlening, veiligheid, informatica, sport- en cultuurinfrastructuur, erfgoed, …

Om een gedeelte van deze kosten te dekken is het noodzakelijk om een belasting voor algemene diensten voor rechtspersonen te heffen aangezien deze ook gebruik maken van de gemeentelijke diensten en infrastructuur.

Juridische grond

Artikel 40 § 3 en artikel 41, 14° van het decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 bepalen dat de gemeenteraad bevoegd is om belastingreglementen vast te stellen.

Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen, gewijzigd bij decreet van 28 mei 2010 is van toepassing.

De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 25 februari 2019 coördineert de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Met ingang van 1 januari 2020 en eindigend op 31 december 2025 wordt, ten voordele van de gemeente Bocholt, ten laste van bedrijven, een jaarlijkse algemene dienstenbelasting voor rechtspersonen geheven om te voorzien in haar verplichte en facultatieve uitgaven.

Artikel 2

definitie:

  • rechtspersoon: vennootschap, vzw, private stichting, maatschap, landbouwvennootschap,…  (niet-limitatieve opsomming)

Artikel 3

De belasting is verschuldigd door de rechtspersonen die op 1 januari van het aanslagjaar vallen onder een of meerdere van onderstaande punten:

  • een nijverheids-, landbouw- of handelsbedrijf exploiteren;
  • een financiële instelling beheren;
  • een vrij beroep uitoefenen of optreden als zelfstandige vertegenwoordiger, makelaar, reiziger of gerant;
  • een maatschappelijke zetel en/of een vestigingseenheid hebben;
  • beschikken over een btw- of ondernemingsnummer, tenzij zij het tegendeel bewijzen.

Artikel 4

De belasting bedoeld in artikel 3 is verschuldigd per vestiging of per bedrijfseenheid of per maatschappelijke zetel die op het grondgebied van de gemeente Bocholt gelegen is.
Indien zowel de maatschappelijke zetel als minstens één vestiging of bedrijfseenheid van het betrokken bedrijf op het grondgebied van de gemeente Bocholt is gelegen, wordt de maatschappelijke zetel vrijgesteld. Indien een bedrijf meerdere vestigingen in de gemeente Bocholt heeft, wordt iedere vestiging belast.
Indien op eenzelfde adres meerdere bedrijven gelegen zijn (verschillende ondernemingsnummers), wordt ieder bedrijf belast.

Artikel 5

De belasting is verschuldigd op 1 januari van het aanslagjaar, is ondeelbaar en is jaarlijks éénmaal te betalen.

Artikel 6

De belasting wordt vastgesteld op € 200,00.

Artikel 7

De belasting is niet van toepassing op de gebouwen of delen ervan bestemd voor een dienst van openbaar nut, al dan niet kosteloos verstrekt, zelfs wanneer die gebouwen niet behoren tot het openbaar domein of wanneer ze door een openbaar bestuur of diens aangestelde rechtstreeks in huur worden genomen.
De delen van die gebouwen, welke door een rechtspersoon gebruikt worden, genieten niet van de vrijstelling.

Artikel 8

De rechtspersonen, bedoeld in artikels 180, 181 en 182 van het wetboek van de inkomstenbelastingen, zijn evenwel niet aan de belasting onderworpen.

Artikel 9

Worden niet belast: sport-, jeugd- en culturele vzw’s of feitelijke verenigingen.

Artikel 10

De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen. Het kohier wordt overgezonden aan de financieel directeur die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen. Het aanslagbiljet bevat naast de gegevens vermeld op het kohier ook de verzendingsdatum, de uiterste betalingsdatum, de termijn waarbinnen bezwaar kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Als bijlage wordt een beknopte samenvatting toegevoegd van het reglement krachtens welke de belasting verschuldigd is.

Artikel 11

De belasting moet betaald zijn binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet. Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn, worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.

Artikel 12

De belastingplichtige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaar moet, op straffe van nietigheid, per beveiligde zending worden betekend. Het bezwaar moet ondertekend zijn en moet minimaal de volgende gegevens bevatten:

  • de identiteit en het adres van de indiener;
  • de vermelding van het adres waarop het bezwaarschrift betrekking heeft en het kohiernummer (of gestructureerde mededeling);
  • de motivatie van het bezwaar en de bijhorende bewijsstukken;
  • indien men gehoord wenst te worden, vermeldt men dit uitdrukkelijk in het bezwaarschrift.

Als datum van het bezwaarschrift wordt de datum van de beveiligde zending gehanteerd.
Als het bezwaarschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.
De indiening van het bezwaarschrift moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding verstuurd, binnen vijftien kalenderdagen  na de indiening ervan.

Artikel 13

Het reglement wordt bekend gemaakt volgens de bepalingen van artikel 285 en 287 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en het treedt in werking vanaf 1 januari 2020.